Menu

De 11 meest opmerkelijke transfers van wereldspelers

De transferperiode staat vaak bol van de transfers. Grote talenten en wereldsterren maken vaak de overstap naar nog grotere clubs om prijzen te winnen. Soms zien we echter ook een opmerkelijke transfer voorbij komen die onze wenkbrauwen doen fronsen. In deze De 11 hebben wij een paar van deze hele opmerkelijke transfers onder elkaar gezet.

Doelman: Victor Valdés

Vanuit de jeugd van FC Barcelona wist Victor Valdés het eerste elftal te bereiken. Met Blaugrana won hij landstitels en (inter)nationale bekers, maar toen Marc-André Ter Stegen in de zomer van 2014 werd aangetrokken zag Valdés de bui al hangen. Hij koos voor een avontuur bij Manchester United, maar kwam hier ook achter David de Gea terecht. In zijn tweede seizoen besloot La Pantera de Hospitalet – ofwel De Panter van L’Hospitalet (geboorteplaats) – te vertrekken. Ineens dook daar het nieuwtje op dat Valdés zou gaan spelen in de Jupiler Pro League (België). Standard Luik had de keeper weten te overtuigen met een huurcontract voor een jaar, maar na vijf wedstrijden besloot het bestuur toch meer jeugdspelers de kans te willen geven. En zo werd Valdés slachtoffer van dit beleid en belandde hij wederom op de bank. Een Belgisch avontuur, met alle respect, voor een van ’s werelds beste keepers vinden wij een mooie aftrap van De 11.

Rechtsback: Kevin Großkreutz

De carrière van Großkreutz is heel erg snel bergafwaarts gegaan. Jarenlang was hij een vaste waarde aan de rechterkant van het succesvolle Borussia Dortmund. Zo won hij onder andere twee landstitels in 2011 en 2012 en was hij ook ‘gewoon’ basisspeler in de verloren Champions League finale tegen Bayern München. Later zakte Großkreutz in de pikorde en vertrok hij naar Turkije. Hier speelde hij geen enkele wedstrijd en verkaste terug naar Duitsland om op een lager niveau weer aan spelen toe te komen. Zijn oude vorm kwam niet meer terug en op pas 30-jarige leeftijd ging Großkreutz terug op zoek naar het voetbalplezier. Zo streek hij plots neer op het derde Duitse niveau bij KFC Uerdingen 05. Hier speelde hij het eerste seizoen bijna alle wedstrijden, maar ook in het daaropvolgende seizoen werd hij gepasseerd en wederom kreeg hij te maken met heup- en spierblessures.

Centrale verdediger: Diego Lugano

Tota was een gevreesde centrale verdediger in zijn tijd bij Fenerbahçe en Paris Saint-Germain. Bij tijd en wijle spijkerhard en ook nog eens kopsterk in aanvallende situaties. Acht jaar lang was hij aanvoerder van het Uruguayaanse elftal en voor zijn land speelde hij dan ook op het WK van 2006, 2010 en 2014. Uiteindelijk kwam hij tot 95 wedstrijden voor La Celeste. Op 26 maart 2015 baarde Lugano opzien door te verkassen naar Zweden. Perfecte transfer voor deze De 11. Waar iedereen had verwacht dat hij terug naar Zuid-Amerika zou gaan tekende hij een contract bij BK Häcken en werd daar in een keer een van de best verdienende spelers van de Zweedse competitie. Hij speelde in het restant van de competitie nog 11 wedstrijden waarin hij de club terug hielp naar de subtop. Na dit korte dienstverband keerde hij wel terug naar Zuid-Amerika.

Linksback: Roberto Carlos

Voor velen de beste linksback aller tijden. Het Braziliaanse supertalent vertrok op 22-jarige leeftijd richting Europa om bij Internazionale te spelen. Na een jaar pikte grootheid Real Madrid de Braziliaan op en hier groeide hij uit tot superster. Met zijn rushes en verwoestende schoten werd hij een plaag voor elke tegenstander. In 2010 keerde Roberto Carlos da Silva Rocha op 37-jarige leeftijd terug naar Brazilië en iedereen had verwacht dat hij hier zijn trainersloopbaan leven in zou gaan blijven. Na één jaartje Corinthians begon het echter weer te kriebelen toen Anzji Machatsjkala met een lucratief aanbod aanklopte. De club contracteerde plots meerdere grootheden en had grote plannen. Trainer Guus Hiddink, Mbark Boussoufa, Samuel Eto’o, Yuro Zhirkov, Balázs Dzsudzsák en Willian werden onder andere aangetrokken. In totaal stak oligarch Soelejman Kerimov in 2,5 jaar tijd ruim een half miljard in de club.

De 11 - Roberto Carlos koos voor een lucratief aanbod in Rusland

Verdedigende middenvelder: Michael Essien

De geboren Ghanees was tussen 2005 en 2014 een zeer gewaardeerde kracht op het middenveld van Chelsea. Op 31-jarige leeftijd raakte Essien op een zijspoor terecht, maar AC Milan bood uitkomst. Het voetbaldier Essien wist maar van geen ophouden en zocht in 2019 naar een club. Een grote verrassing was het dan ook dat het de Azerbeidzjaanse middenmoter Sabail FK was die de middenvelder wist vast te leggen. Prima transfer voor De 11 dus. Blijkbaar bracht The Bison een goede vibe mee, want de club eindigde prompt op de derde plaats. Essien hield het na het afgelopen seizoen echter weer voor gezien en is vanaf dit seizoen speler/coach van FC Nordsjælland.

Centrale middenvelder: Sócrates

Onderdeel van het Magische Kwartet op het middenveld van de Braziliaanse nationale ploeg en deze De 11. Op het WK van 1982 en 1986 was hij zelfs aanvoerder en kwam dan ook in totaal tot 63 interlands. O Doutor – ofwel De Dokter – had zijn bijnaam te danken aan zijn geschooldheid. Naast professioneel voetballer, was hij namelijk ook arts. Als actief voetballer was Sócrates voornamelijk in Brazilië actief, maar ook in Italië voor Fiorentina. Na het WK 1986 zwaaide hij af als Braziliaans international en ging hij voetballen in zijn geboorteland. Sócrates was destijds 34 jaar en eigenlijk nog niet helemaal klaar met voetbal. Hij ontving een aanbieding uit zuidwest Londen van de club Corinthian-Casuals FC. Hij ging in op de aanbieding en speelde uiteindelijk toch 20 wedstrijden voor de club die destijds op het negende Engelse niveau acteerde. Na een seizoen keerde hij terug naar Brazilië om kort daarna te gaan genieten van zijn voetbalpensioen.

Centrale middenvelder: Paulinho

Drie jaar geleden kreeg FC Barcelona veel negatieve reacties op het aantrekken van Paulinho. Zo zou de Braziliaan absoluut geen typische Barça-speler zijn en niet passen bij de visie van de club. Hij draaide een prima seizoen, maar vertrok na een seizoen weer terug naar China waar hij voor zijn Barça-periode ook voetbalde. Als 18-jarig talent was Paulinho ongeduldig en hij wilde snel een stap naar een topclub maken. Die kwam niet en dus besloot hij naar Europa te gaan. Geen Engelse, Franse, Italiaanse, Spaanse of Duitse club was geïnteresseerd dus vertrok Paulinho naar Litouwen. Hier ging hij spelen voor FC Vilnius. Paulinho was op zoek naar het grote geluk en vertrok dus al na een seizoen naar Polen. Hier ging hij in de eredivisie spelen voor ŁKS Łódź. Hij speelde 22 wedstrijden, maar was niet in beeld gekomen bij een grotere club binnen Europa. Dit leidde er toe dat hij weer vertrok naar zijn thuisland en hier was het na twee seizoenen wel raak. Corinthians – een van de meest succesvolle clubs uit Brazilië – pikte hem op en drie jaar later kocht Tottenham Hotspur hem.

De 11 - Paulinho moest lang vechten voor zijn doorbraak. Zelfs in Polen en Litouwen.

Aanvallende middenvelder: Pablo Aimar

Een prachtige, elegante voetballer om naar te kijken. Een ongelofelijk fijne trap en ook nog eens als nummer 10 veel oog voor het doel. Bij Valencia blonk de jonge Argentijn uit en een ster was geboren. Hij leidde Valencia naar twee landstitels (2002 en 2004) en wist ook beslag te leggen op de UEFA Cup in 2004. Na een korte periode bij Real Zaragoza nam SL Benfica hem over voor 6,3 miljoen euro. Hij werd publiekslieveling en onder zijn aanvoering werd ook vier keer op rij de Portugese beker gewonnen en werden zij in 2010 ook landskampioen. Inmiddels was Aimar 34  en hij was vrij blessuregevoelig. Toch besloot El Payaso (De Clown) nog een avontuur te wagen. Johor Darul Ta’zim uit Maleisië wist de Argentijn te bekoren met een gigantisch salaris. Hij werd direct de bestbetaalde voetballer van de competitie, maar vertrok weer na één seizoen uit Azië. Wat moet een wereldvoetballer als Aimar dan ook in de Maleisische competitie?

Rechtsbuiten: Rivaldo

De 74-voudig Braziliaans international heeft een hele trits aan clubs versleten. Zo speelde hij voor FC Barcelona en AC Milan, maar kwam ook voor zes verschillende Braziliaanse clubs uit. Het was al merkwaardig te noemen dat Ribo aan de slag ging bij AEK Athene en Olympiacos. Het werd helemaal apart toen het nieuws uitkwam dat Rivaldo verkaste naar Bunyodkor in Oezbekistan. Hij zou in twee jaar tijd 10,2 miljoen euro opstrijken, dus wij begonnen zijn beweegredenen. Met 44 doelpunten in 77 wedstrijden was hij uiterst productief en werd meerdere keren kampioen van de competitie. Trainers van het Oezbeekse team waren de Braziliaanse legendes Zico en Scolari. Na dit avontuur keerde Rivaldo huiswaarts om bij São Paulo te gaan voetballen. Al snel begon het weer te kriebelen en waar wij dachten dat het niet gekker kon dan Bunyodkor wist Rivaldo er nog een schepje bovenop te doen door te tekenen bij Kobuscorp in Angola. Hij was inmiddels 39 jaar geworden, maar wist nog niet van ophouden. In 21 wedstrijden scoorde hij alsnog 11 keer, waarvan twee hattricks. Tegen Bravos do Maquis en Recreativo da Caála wist hij drie maal doel te treffen. In november 2012 was het dan echt genoeg geweest en keerde hij definitief terug naar Brazilië. Het levert hem een ereplek op in deze De 11.

Spits: Peter Crouch

Net als Rivaldo heeft ook Peter Crouch een waslijst aan clubs op zijn spelerspaspoort staan. In totaal speelde The Robot voor 13 clubs, waarvan 12 in Engeland waren gevestigd. De enige club in het buitenland waar Crouch voetbalde was IFK Hässleholm in Zweden. In 1998 tekende Crouchie een profcontract bij de Spurs, maar hij moest nog rijpen. Zijn club vond het een goed idee dat hij in Zweden op het derde niveau vlieguren zou gaan maken, maar door omstandigheden speelde hij hier maar 8 wedstrijden. De Zo blij als een kind was Crouch toen Queens Park Rangers het in hem zag zitten. Hier kwam hij uiteindelijk echt tot bloei en hij besloot nooit meer weg te gaan uit Engeland. Veel Engelser dan Peter Crouch ga je ze dan ook echt niet krijgen. Dit Zweedse uitstapje was dan ook eens en nooit meer.

Peter Crouch was een seizoen actief op het derde niveau in Zweden

Linksbuiten: Johan Cruijff

Als laatste in de lijst onze eigen Johan Cruijff. Op 31-jarige leeftijd besloot El Flaco een punt achter zijn carrière te zetten. Na een investering die uitliep op een fiasco was Cruijff weer genoodzaakt te gaan voetballen. Met die mislukte investering was hij namelijk bijna zijn gehele eigen vermogen verloren. Hij vond de oplossing in Amerika en hier ging hij bij Los Angeles Aztecs en de Washington Diplomats goed verdienen. Het ging weer kriebelen en Cruijff wilde weer voor Oranje uitkomen. Hiervoor moest hij minuten maken bij een club en in beeld zijn bij de bondscoach. Een Duitse club bood zich aan, maar Cruijff bedankte voor een avontuur in de Bundesliga mede door de verloren WK-finale ten koste van de Duitsers. Ook Leicester City was geïnteresseerd, maar Levante UD kwam met het beste aanbod. De club speelde destijds in de Segunda División en stond in de winterstop bovenaan. De onenigheid in de selectie nam steeds meer toe aangezien Cruijff veel meer verdiende dan de overige spelers. De hoogte van de vergoeding was buiten proporties en Levante UD bleek er uiteindelijk niet eens aan te kunnen voldoen. De band knapte en Cruijff vertrok. Hij kwam maar tot 10 wedstrijden waarin hij twee keer scoorde.

De nieuwe Life After Football is uit! Koop hier jouw exemplaar!

Nog meer De 11? Check De 11 Oranje-internationals die nooit verloren.

Op de hoogte blijven van al het nieuws rondom voetbal, fashion en lifestyle? Volg dan onze Facebook en Instagram.